Historie

Toen omstreeks mei 1906 de noodleidende muziekvereniging Apollo werd ontbonden, waren er verschillende jongere leden, die onder een nieuwe leiding een andere vereniging wilden oprichten. In de Schoonhovense Courant verscheen een advertentie, waarop verschillende mensen reageerden. Tijdens een bijeenkomst op 8 juni 1906 in de voorzaal van het "Herenlogement" (nu vestiging van uitzendbureau Randstad) in de Koestraat werd TAVENU opgericht. Hoewel de naam, uitgesproken als Tavenu en niet als afkorting gebruikt, inmiddels vertrouwd in de oren klinkt, kijken velen er toch vreemd tegenaan. In die tijd was dit een veel voorkomende naam. Er bestaan meerdere muziekverenigingen en zelfs een sociëteit met de naam TAVENU allen opgericht tijdens de 20-ste eeuwwisseling. De afkorting staat voor de volgende volzin: Tot Aangename Verpozing En Nuttige Uitspanning.

De vereniging ging van start met 28 leden. Daarbij waren er met namen die nog lange tijd in de ledenlijst voorkwamen of nog voorkomen, zoals de families Suur, Herkhof, Boere en De Vaal. De eerste dirigent was de heer E. van Wageningen (deze werd in die begintijd directeur genoemd). De instrumenten werden met behulp van een lening overgenomen uit de boedel van Apollo. De repetities begonnen. Hiervoor werden diverse meer of minder geschikte locaties gebruikt, zoals de kegelbaan van Van der Wolff, de werkplaats van zilversmid Gaillard en zelfs bij de dirigent thuis. Na drie maanden oefenen rukte TAVENU voor de eerste keer uit. Het was voor de opening van de Schoonhovense kermis. Tot op heden is dit een vast onderdeel van het straatoptreden van onze vereniging. In hetzelfde jaar werd ook het eerste concert gegeven. In 1908 werd een festival georganiseerd en met de opbrengst hiervan was het schuldenprobleem opgelost. Je kunt bijna zeggen dat er een vliegende start werd gemaakt, maar we moeten ons realiseren dat dit alles alleen mogelijk was door de grote inzet van de eerste leden.

Na drie jaren werd de dirigent, de heer van Wageningen opgevolgd door de heer Frommelt, onder zijn leiding begon TAVENU met concoursbezoek. Voor de eerste keer was dit in 1910 in Vianen en daar was het onmiddellijk prijs. Men ging naar huis met een eerste prijs in de vierde afdeling. Dit succes werd een aantal keren herhaald in Meerkerk en Utrecht. In deze succesvolle tijd werd een van de notabelen uit Schoonhoven, de heer Regtdoorzee Greup bereid gevonden om op te treden als beschermheer. Hij schonk de vereniging behalve een aantal blaasinstrumenten ook het eerste vaandel. Dit is nog steeds te bewonderen in een speciale vitrinekast in het huidige verenigingsgebouw Het Bastion.

In 1914 moesten de verenigingsactiviteiten, net zoals voor vele andere verenigingen in verband met de algehele mobilisatie, worden stilgelegd. Maar alhoewel de eerste wereldoorlog nog niet was beëindigd werden de repetities in 1915 alweer hervat. Er vond weer een wisseling van dirigent plaats. In 1917 aanvaarde de heer B.A.Hoon de muzikale leiding over de vereniging. De volgende wisseling zou lang op zich laten wachten want hij hield dit vol tot aan zijn dood in 1959, tweeënveertig lange en bewogen jaren, waarbij hij TAVENU uiteindelijk de ere-afdeling binnen leidde en daar zelf zeer goede eerste prijzen in de wacht sleepte. In die tijd was niet alles zo precies geregeld zoals nu en op concoursen ging het ook anders toe. Men kende toen ook afdelingen en er werd ook zoals nu een prijs toegekend voor het hoogste aantal punten in een afdeling. TAVENU heeft deze prijs een aantal keren gewonnen. Maar de heer Hoon was veel meer gecharmeerd van een prijs die nu niet meer bestaat. Dit was de prijs voor de beste dirigent van het concours. Hieraan was meestal een aardige financiële beloning verbonden. Ook deze prijzen wist hij een aantal keren in de wacht te slepen. Ook op een concours in Lexmond. Helaas voor hem bestond de prijs toen uit een mandje kersen. Niet alles ging voorspoedig in deze lange periode. Ons land werd getroffen door de crisis, die ook in Schoonhoven hard aankwam. De werkeloosheid onder de zilversmeden (het voornaamste deel van het ledenbestand) was groot. Maar ondanks de moeilijkheden werd er door gewerkt. Toen kwam de Tweede Wereldoorlog veel leden werden gedwongen om in Duitsland te gaan werken. Maar ook nu bleef TAVENU actief. Na de bevrijding was de vereniging weer present bij de viering van onze vrijheid en onafhankelijkheid. Bekijken we de ledenlijsten uit die tijd, dan is het wel opmerkelijk, dat plotseling een fors aantal leden is verdwenen. In de vergaderverslagen vinden we daarvoor echter geen verklaring. Voor ons die nu leven is het gissen naar de oorzaak!

In 1952 ontsproot een nieuwe levenskrachtige loot aan de stam. De drumband werd opgericht. Dit wil niet zeggen dat er voordien naast de fanfare geen andere muzikale activiteiten hebben bestaan. Want eind jaren veertig, begin jaren vijftig was het Tavenu Amusements Orkest actief. Zij speelden een repertoire speciaal geschikt voor feesten en vooral de in die tijd razend populaire Tiroler muziek. Hiervoor waren er zelfs twee zangeressen Jopie Boere en Jannie Stam verbonden aan dit orkest. Maar deze activiteiten hebben opgehouden te bestaan. Zoniet de drumband, deze is uitgegroeid tot een heus drum- lyra- en pijperkorps. Ook verscheen TAVENU in 1952 voor de eerste keer op straat met uniformen. Deze uniformen, donkerblauw met smalle gouden biezen, werden gemaakt door de plaatselijke kleermaker Duel. De petten waren voorzien van een speciaal voor TAVENU door een plaatselijke zilverfabrikant gemaakt embleem. Lange tijd was dit het gezicht van de vereniging.

Toen de heer Hoon ons in 1959 was ontvallen werd zijn plaats ingenomen door de heer W. Koen uit Krimpen aan de Lek. Hij dirigeerde de fanfare 19 jaren. onder zijn leiding werd voor de eerste keer de opleiding van de jeugd structureel aangepakt. Voortaan werd gestart met een blokfluitles (nu A.M.V. genoemd) waarna een cursus op een blaasinstrument in groepsverband volgde. Zelfs heeft er onder zijn leiding enige tijd een jeugdorkest bestaan. De zelfde opleidingsstructuur bestaat nog steeds. Even voor het aantreden van de heer Koen als dirigent, was de leiding over de drumband in handen gekomen van Janus de Vaal. Voordien waren diverse militaire instructeurs, die behoorden tot de drumband van het garnizoen in Schoonhoven, belast geweest met de leiding. Bekende namen onder hen zijn de sergeanten van Groningen en van der Pluim, die beiden naam hebben gemaakt binnen de militaire muziekwereld. De heer de Vaal verzorgde al jaren de opleiding van leerling-tamboers. Onder zijn leiding is de drumband opgeklommen naar de eerste divisie. Een bewust door hem nagestreefde hechte band was hiervoor de basis. Op zijn initiatief heeft het show element zijn intrede gedaan in de vereniging. In samenwerking met de wandelsportvereniging werden ter afsluiting van de Zilverstad wandeltochten de eerste Taptoes in Schoonhoven georganiseerd. Ook werden door TAVENU zelfstandig shows verzorgd en niet alleen in Schoonhoven. na lang beraad heeft de muziekvereniging TAVENU zich in 1962 aangesloten bij de Koninklijke Federatie van Muziekverenigingen. Dit betekent, dat voortaan werd deelgenomen aan federatie concoursen welke volgens strikte regels worden gehouden.

Door de internationale ontwikkelingen ontstond er een grote belangstelling voor het buitenland. Ook in Schoonhoven. Contacten werden gelegd met oud-leden die naar elders waren vertrokken en in 1965 vond de eerste internationale uitwisseling plaats. Die Musikgesellschaft Littau uit Littau-Luzern Zwitserland was bij TAVENU te gast. Al in 1966 werd een tegenbezoek gebracht. Dit was het begin van een aantal muzikale uitwisselingen met verschillende verenigingen. Bezoeken over en weer werden gebracht naar het Zwitserse Küssnacht, Feuerbach bij Stuttgart in Duitsland (meerdere malen) en het Duitse Owingen. Deze uitwisselingen hebben geleid tot soms zeer sterke onderlinge vriendschapsbanden. Een hernieuwde uitwisseling met Duitsland is in onderzoek. Ter gelegenheid van het eerste bezoek van Musikverein Stadtorchester Feuerbach werd in 1976 als onderdeel van de vereniging op 30 april de blaaskapel "De Hazepoten" opgericht. Na eerst een aantal jaren alleen als "feest"-kapel te hebben bestaan, hebben de Hazepoten zich onder leiding van Teus Stigter ontwikkeld tot een volwaardige blaaskapel. Er werd enige jaren deelgenomen aan festivals en concoursen voor blaaskapellen. In 1994 werd het Kampioenschap van Zuid-Holland in de heuvelklasse behaald. In dat zelfde jaar werd de muzikale leiding overgenomen door Cees Brouwer. Nu bestaat de Hazepoten als Streetband.

In 1976 is de vereniging koninklijk onderscheiden met de EREPENNING VAN VERDIENSTE. TAVENU heeft vele jaren geen beschermheer gehad maar in 1967 werd mr. J. Slager verzocht het beschermheerschap op zich te nemen. Hij heeft dit graag aanvaard en dit is het begin geworden van een langdurige band tussen de vereniging en de familie Slager. Na het overlijden van mr. J. Slager in 1971 heeft zijn zoon mr. D.A. Slager in 1973 met instemming van alle leden dit ambt op zich genomen. En tot op de dag van vandaag vervult deze het beschermheerschap. Van beiden heeft TAVENU veel steun mogen ontvangen.

Op een leeftijd gekomen waarop men normaal gesproken al lang met pensioen was gegaan, heeft de heer Koen zijn werkzaamheden als dirigent in 1978 beëindigd. Hij is opgevolgd door Frans Klein uit Zwammerdam. Hij kwam in een moeilijke tijd bij de fanfare. Het verenigingsleven stond op een laag pitje. Ook de muziekvereniging ontkwam niet aan de algemene tendens. Er was onder de jeugd waarschijnlijk weinig animo voor blaasmuziek. Veel leerlingen waren er niet. Uitvoeringen kregen weinig bezoekers en werden op een bepaald moment helemaal niet meer gehouden. Ook zakte het niveau van het orkest in. Met grote inspanning is deze dalende lijn omgebogen in een opwaartse. Aanvankelijk terug gezakt naar de tweede afdeling, heeft TAVENU zich onder de leiding van Frans Klein een weg terug geworsteld naar de afdeling uitmuntendheid. Na het voor de tweede keer behalen van een eerste prijs in die afdeling, heeft de vereniging het recht verworven uit te komen in de ere-afdeling. Nu worden er ook weer volop uitvoeringen gehouden en ook andere evenementen staan weer op de agenda. TAVENU is in alle opzichten weer opgebloeid.

De drumband heeft in deze periode helaas wel een tegenslag moeten incasseren. In 1981 overleed de instructeur Janus de Vaal. Hij had aan de wieg gestaan en vele jaren de leiding gehad. Jaap Verschoor volgde hem op en stond voor een zware klus. Binnen de federatie werden, door het stijgende peil van de korpsen, de eisen steeds hoger en de drumband van TAVENU had moeite het bereikte niveau te handhaven. Na zes jaar gaf hij het op. Weer werd een De Vaal benaderd om een ommekeer in deze dalende lijn te bewerkstelligen. In september 1987 werd Ad de Vaal instructeur. Na door een diep dal te zijn gegaan (een degradatie naar de derde afdeling kon niet worden voorkomen) krabbelde het drum- en lyrakorps terug. Door de hernieuwde inzet van de leden konden er weer successen worden bijgeschreven in de annalen van de vereniging. Terug in de tweede divisie werden ook daar eerste prijzen in de wacht gesleept. Inmiddels bleek er ook weer voldoende belangstelling bij de jeugd aanwezig om de opleidingen op ruime schaal op te zetten. Halverwege de jaren '80 werd Rien Berkel aangetrokken om een klas voor Algemene Muzikale Vorming (door de meeste blokfluitclub van TAVENU genoemd) op te starten. Er werden klasjes gevormd voor blaasinstrumenten en later ook voor slagwerk en pijperfluiten. Er ontstond bijna vanzelf een jeugdorkest dat nu niet alleen op uitvoeringen optreedt, maar ook zelfstandig deelneemt aan concerten en federatieve concoursen.

Het jaar 1995 was het jaar van de veranderingen. In april wisselde de drumband van instructeur en in oktober kwam er een nieuwe dirigent bij de fanfare. In beide gevallen waren het bestuur, instructeur en dirigent van mening dat het belang van de vereniging was gediend met verandering en vernieuwing. Met elan diende de opwaartse beweging te worden voortgezet. Aart de Groot bij de drumband en Dick-Jan Veerbeek bij de fanfare. Met Aart de Groot werd voor de drumband de nadruk op techniek gelegd en werden er naast pijperfluiten ook dwarsfluiten toegevoegd aan het instrumentarium. Helaas is door een aantal ongelukken de manier van instructie geven dermate gewijzigd, dat bestuur en leden in november 1999 een andere instructeur hebben gezocht. Dick-Jan Veerbeek heeft in die periode de eerste TAVENU CD opgenomen (rechts afgebeeld) en is er in 1999 naast het jeugdorkest een opzet gemaakt voor een opleidingsorkest. Remco Krooshof nam de instructeursfunctie over en heeft dit gedaan tot eind 2001. In dit jaar is gebleken dat visie van instructeur en leden te ver uiteen liepen en dat deze ingeslagen weg niet de goede was. Meerdere leden hadden ondertussen de drumband verlaten. In 2002 is men weer teruggegaan naar de oude lesmethode met instructeur Jan Wansleeben. Deze is in 2003 vervangen door Carl de Heus. Ook is toen besloten met de drumband terug te gaan naar de basis en te stoppen met het melodische gedeelte binnen de drumband. De fluiten konden zich niet in het niveau van de drumbandmuziek vinden en van de lyra’s waren er nog maar twee overgebleven. Dick-Jan Veerbeek is nog steeds de leider van jeugd- en fanfareorkest en ook van het opleidingsorkest.